Kleine Vlindervoetjes

Kleine Vlindervoetjes Liefdevolle troostproducten voor ouders die te maken hebben met het verlies van een sterrenkinderen

Adres

Oost-Souburg
4388MB

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer Kleine Vlindervoetjes nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Contact De Praktijk

Stuur een bericht naar Kleine Vlindervoetjes:

Delen

Share on Facebook Share on Twitter Share on LinkedIn
Share on Pinterest Share on Reddit Share via Email
Share on WhatsApp Share on Instagram Share on Telegram

Noud & Mees*

21-05-18 ontdekten ze in het Sophia dat we zwanger waren van een tweeling. Dat kwam nog al als een shock: we hadden al drie kinderen en net een huis gekocht. Allebei een drukke baan en al denkend compleet te zijn, maar toch dacht ik meteen “Wat een wonder”. Ik maakte me wel zorgen om mijn drie keizersnedes die ik al had gehad en een herteloperatie in het VuMC in Amsterdam een jaar daarvoor. Was dit niet een medisch verhoogd risico? Een aantal echo’s in Amsterdam en in Rotterdam volgden. Een overleg moment met het team dat me geopereerd had. Vrijdag 13 juli 18 kregen we mooi nieuws. Onderweg naar Italië werden we gebeld door mijn arts: geen verhoogd risico. Deze tweelingzwangerschap kon blijven bestaan, maar wel met extra controles in verband met de eerdere keizersnedes. Wat heb ik genoten met onze lieve vakantievrienden in Italië. Eerder in juni was de optie selectieve reductie nog met ons besproken en zelfs beëindigen van de zwangerschap. Maar dat was niet wat ik wilde. Als er nog een zwangerschap was weggelegd voor mij, voor ons, dan was gewoon een mooi wonder. Terug uit Italië volgden snel weer een echo bij mijn super lieve gynaecoloog in het Sophia. Hij kon me altijd geruststellen en nam de tijd. Ik voelde me bijna thuis in het Sophia en enorm op mijn gemak. In augustus was alles goed. Twee weken later had ik weer een controle en ineens kreeg ik te horen dat de onderste baby niet goed meer meegroeide ten opzichte van de bovenste baby. Maar verder geen zorgen. Een week later had ik weer een controle bij mijn gynaecoloog in Goes en ook daar kreeg ik hetzelfde te horen als die week ervoor in Rotterdam: de onderste baby begon een beetje in een hoekje te liggen, had wat minder vruchtwater en groeide niet zo goed mee met de bovenste baby.

Weer een week later: ik was net de 21e week ingegaan en ik ging op 4 september voor mijn 20 weken echo. Ik zei nog tegen de lieve echoscopiste dat ik erg blij was met de echo omdat het al een paar dagen een beetje stiller was onderin mijn buik. Ik ging liggen en ze vroeg nog aan me, voordat ze de gel op mijn buik deed, of ik wilde weten wat het geslacht van de baby’s was. Ik vertelde haar dat ze het op een briefje moest schrijven. Ze begon te kijken en ze zei meteen: “Ik heb verschrikkelijk nieuws. Het hartje klopt niet meer.” Ik weet alleen nog dat mijn hart heel snel begon te kloppen en ik heb geroepen, heel hard heb geschreeuwd dat mijn eigen arts moest komen. Ik huilde. Ik mocht mijn man bellen. Ik kon het niet geloven. Het gevoel dat ik een paar dagen ervoor had gevoeld, klopte. Daarom was het wat stiller in mijn buik. Ze vertelde me dat ik het niet had kunnen voorkomen, want in die fase van de zwangerschap kunnen ze niet ingrijpen. Dus als ik die dagen ervoor mijn gevoel had gevolgd en naar het ziekenhuis was gegaan, hadden we gekeken naar een prachtige baby die al helemaal af was, maar dood ging in mijn buik? De zwangerschap vanaf die dag was niet meer hetzelfde. Ik liep verdwaasd rond en bracht Imke en Chris naar school. Ik kreeg opmerkingen van ouders die nog niet eens wisten dat ik zwanger was. Ze zagen dan mijn buikje en zeiden: “oh, ben je zwanger? Gefeliciteerd, dat wist ik niet.” En ik dacht alleen maar: je zou eens moeten weten wat er in mijn buik is gebeurd. Bijzonder en raar om mee te maken dat zoveel mensen niet weten hoe ze ermee om moeten gaan. “Het heeft zo moeten zijn” “Probeer nog een beetje te genieten van de zwangerschap” waren opmerkingen waar ik niks mee kon. Ze deden me pijn. Of geen opmerkingen, niks. Soms van mensen heel dichtbij. Dat deed ook pijn.

Sinds Mees was overleden, was elke seconde spannend in de zwangerschap die totaal niet meer prettig was. Ik werd opgenomen in het Sophia met 25.4 weken. Elke dag twee CTG’s in het begin. Al snel werden dat drie CTG’s per dag en in de laatste week kreeg ik 4 CTG’s per dag. Mijn baarmoeder was de beste couveuse tot de enige nog levende baby zou laten zien dat dit niet meer het geval was, er sprake zou zijn van foetale nood. Dan zou ik een spoedkeizersnede krijgen. Maar tot die tijd moest de kleine bij mij blijven. Maar ik voelde niet als de beste couveuse. Ik voelde dat ik faalde. Te weinig vruchtwater en een falende placenta. Alles in mijn baarmoeder was alles behalve goed voor de kleine. Het was ook de oorzaak waardoor de onderste baby was overleden. Ik heb achteraf geen idee meer hoe ik 10 weken heb overleefd met een overleden baby in mijn buik? Maar het lukte. Ik kwam de weken door en focuste me op de baby die nog leefde. Voor hem was het overleven: brainsparing was de medische term voor wat er aan de hand was. Een manier van overleven: hersenen, hart en nieren worden in stand gehouden en voor de rest is er niets belangrijk. Deze baby zou geboren worden met onderontwikkelde darmen en een enorme groeiachterstand.

Toen ik met 25 weken en 4 dagen opgenomen, zei mijn lieve gynaecoloog tegen me: ¨ Het beste wat ik kan doen, is je op laten nemen. “ Ik vertelde hem later (toen hij bij me kwam kijken op mijn kamer in het Sophia dat ik bang was) Zijn antwoord vertelde alles: “Daar heb je ook alle reden toe”. Wat was ik achteraf blij dat mijn tweelingvriendin een voorgevoel had en aan had geboden om met me mee te gaan naar Rotterdam. Ik moest rustig aan doen en elke ochtend om 8 uur begon de dag standaard met een ontbijt en CTG. En ‘s avonds was er weer een CTG om 20 uur. De volgende dag kreeg ik een telefoontje van mijn man. Het ging slecht met oma Corrie. Zo slecht dat ze zou overlijden. En daar lig je dan in Rotterdam en je gezin helemaal in Zeeland. Lieve oma Corrie. Ze overleed, maar ze had een prachtige leeftijd van 95 jaar en ze vertelde me soms ook dat ze wel klaar was met haar leven. Ze was gelovig en niet bang. Dat troostte me. Met een koptelefoon op kon ik meeluisteren met een livestream. Daar lig je dan in het Sophia. Te luisteren naar een afscheidsdienst. Met al je angsten die je zelf hebt, je hormonen en er niet kunnen zijn voor je man en kinderen. Het was verschrikkelijk. De eerste week had ik soms een slechte CTG. Die eerste slechte CTG vergeet ik nooit meer: het hartje ging naar beneden en leek niet te herstellen. De arts kwam mijn kamer ingerend met een verpleegkundige en er werd meteen een infuus geprikt en een verrijdbare echo werd snel aangezet en dan zochten ze naar het hartje. Toen dat de eerste keer gebeurde, wist ik niet wat me overkwam. Wat een paniek. Ik merkte wel dat ik dan snel op de operatiekamer zou liggen. Dat werd me ook verteld. De tweede week en derde week waren er vaak momenten geweest dat ze dachten een spoedkeizersnede te moeten zetten. Maar dan herstelde het hartje weer. De vierde week werd ik bang, maar ik kreeg steeds te horen “je bent de beste couveuse” en “we varen op de CTG’s”. Ik vond echt elke seconde van de dag verschrikkelijk en was zo bang om ook de andere baby te verliezen. Week vijf was echt vreselijk en ik kreeg wel steeds vaker te horen dat ze dachten dat het niet lang meer zou duren. Maar toch kwam er een zesde week. Sinds mijn opname was de baby slechts 170 gram gegroeid. Veel te weinig natuurlijk en reden genoeg voor al die CTG’s en om de twee dagen een flow meting. En elke twee weken een groeiecho. 17 november was het wereldprematurendag. Die dag kwamen mijn vriendin uit Brabant langs en mijn jongste tante. Het was een bijzondere dag. Er was van alles georganiseerd in het Sophia. Ik ging mee naar beneden en ging op de foto bij een couveuse. Ik kon me eigenlijk niet voorstellen dat onze kleine man erin zou komen te liggen. Ik kreeg al wel zes weken goede begeleiding in het Sophia door een super lieve psycholoog. Maar het je echt voor kunnen stellen is nog zo anders dan het echt meemaken. De volgende dag kwamen mijn man en drie kinderen. Het was de intocht van Sinterklaas en ik lag er al vijf en een halve week. Ik had zin in frietjes. Dus we bestelden de frietjes en deze werden bezorgd op de afdeling. Ik had die nacht ervoor heel slecht geslapen en ik lag inmiddels aan een magnesiuminfuus. De baby had toen ook vaak gedipt die week. Mijn man en kinderen gingen laat weg. Toen zij naar huis gingen, kreeg ik weer een CTG. Deze was niet goed dus om 23 uur zouden ze de CTG herhalen. Afgesproken werd dan dat het beeldscherm uit zou staan alles alles goed was. Dus als ik wakker werd en het scherm stond uit, moest ik niet schrikken. Ik weet nog dat ik wakker werd. Dat de verpleegkundige bezig was met een kussen in mijn rug en dat ik bewust ineens voelde dat een gynaecoloog een echo aan het maken was van mijn buik. Hij was al aan het bellen en de verpleegkundige vertelde me dat ik mijn man moest bellen omdat ik nu een sectio zou krijgen. Ik hoorde heel, heel langzaam een hartslag van de baby. En ik hoorde de arts zeggen dat de hartslag die ze zagen op de CTG echt de hartslag van de baby was. Mijn hartslag ging omhoog en omhoog. Ik belde ondertussen naar mijn man, middenin de nacht die zo moe was van het op en neer rijden, week in en uit. Met de kinderen erbij in de weekeinden en zonder de kinderen door de weeks als zij op school zaten. Ik kreeg hem om 6 minuten over 3 uur niet wakker gebeld. De verpleegkundige zou blijven proberen. Ze zei tegen me: “Is er iemand die je heel dierbaar is en die hier om de hoek woont?” En meteen dacht ik aan mijn jongste tante. Ze kwam elke week, was me enorm dierbaar en woont om de hoek zei ik.” We belden haar. Eerst werd er een beetje weggedrukt, maar meteen werd er teruggebeld en kon de verpleegkundige instructies geven over waar ze moest parkeren, waar ik zou zijn en wat zij moest doen om zsm bij mij te komen.