18/04/2025
Zo kwam vandaag een klant binnen die extremely emotional is (altijd eigenlijk). Hij gaat best wel snel in het verhaal over zijn vrouw, waar hij van wil scheiden; over haar totale distortion en hoe hij haar wil helpen omdat hij van haar houdt. Ze zijn allebei zwaar getraumatiseerd door seksueel misbruik en hebben elkaar op die grond gevonden, ja gezegd en een kind gemaakt. De achtergrond van misbruik uit zich vaak in een multi persoonlijkheids stoornis omdat de ervaringen zo heftig zijn geweest dat ze zich gedissocieerd hebben van hun oorspronkelijke zelf. In de ergste gevallen is deze “alter” ook nog geprogrammeerd maar dat is een afslag die ik nu niet ga nemen.
Ik wil het ook niet over haar hebben, want zij zit hier niet. Ik wil het met hem over hém hebben. Wat er moet gebeuren bij hem is dat ik hem rustig krijg en in het nu; in het waarnemende, aanschouwende. Dat is altijd een hele klus. De ene golf van emotie overspoelt de andere. Toch is hij zeker niet gek en uiteindelijk kalmeert hij wel. Meestal Maar deze keer niet. Ik nodig hem uit zijn tranen te laten vloeien maar ik zie hem er in vastlopen. Hij komt er meer uit. Tien minuten later gaat hij helemaal los op de bolster die ik ingepakt in dikke doeken voor hem heb neergelegd. En hij gáát. Schreeuwend, ziedend, stompend, schoppend. Tot het genoeg is. Hij is uitgeput. Zijn arm doet zeer. Dat deed ie al. Zijn trauma naar zijn vader is in de rechterkant van zijn lichaam gaan zitten. Hij kan hem niet vergeven. Hij huilt. Hij stopt met huilen. Ik vraag hem terug te keren naar de stilte, naar de kern, waar helemaal niets meer is. Hij zegt; zet even dat nummer op als je wilt. Ik zet het nummer op. Een kraakheldere vrouwenstem herhaalt de tekst die ik net zei. Ga terug naar het centrum waar stilte is. Er is helemaal niets meer. Alleen maar pure realiteit. Geen geur, geen smaak, geen aanraking, geen verdriet, geen boosheid, niemand om boos op te zijn. Of zoiets.
Even later ligt hij als een kind te snoozen op mijn schoot. Ik heb een olietje gemaakt voor zijn zere schouder en terwijl hij op zijn zij ligt, geef ik hem alle liefde die ik in mij heb. Zacht masserend, maar vooral gaat het om space-holding voor deze arme schat. Hij is zo hongerig naar liefde. Naar rust. Naar even gedragen worden en niet meer alles alleen hoeven doen. Even in warmte zijn.
Hij loopt de deur uit als een ander mens. Intussen heb ik een klein beetje gekneusde rib. Hij wilde na de bolster ook nog even “slam-dancen” (hoor ik poko?) dus ik heb zeker 5 minuten met mijn volle gewicht tegen hem in gebeukt zodat hij zijn agressie kwijt kon. Zo boos. En nu zo licht. En zo is het leven. Zo donker. Zo licht. En hoe vaak je ook uit je kern wordt getrokken, geduwd of geslingerd. Kom altijd weer terug. Waar altijd geluidloze, leeftijdloze vrede is.
Feeling Ohm.