31/12/2025
Jaren geleden zag ik het nog niet. Ik zocht in mijn relaties naar iemand die me zag, begreep, droeg. En als dat niet gebeurde, werd ik boos. Of juist stil. Ik trok me terug of klampte me vast.
Ik wist niet dat ik eigenlijk zocht naar iets wat niemand me kon geven.
In mijn eerste huwelijk was het een constante innerlijke strijd. Ik wilde gezien worden. Maar hoe harder ik dat wilde, hoe verder hij zich terugtrok. En ik begreep het niet. Ik dacht dat het aan hem lag. Dat hij niet goed genoeg voor me was. Dat hij me niet kon geven wat ik nodig had.
Totdat ik begreep wat er echt speelde.
Ik droeg een oud verlangen in me mee. Een verlangen naar die liefdevolle aanwezigheid die me had moeten zien en kennen. Niet mijn letterlijke moeder, maar die archetypische warmte en veiligheid waar mijn zenuwstelsel naar hunkerde. Waar ik als kind niet genoeg van had gekregen. Of wel had gekregen maar niet binnen kon laten omdat de innerlijke deur al dicht was gegaan.
En ik verwachtte van mijn partner dat hij dat g*t zou vullen.
Maar dat kan hij niet. Dat is niet zijn taak. Dat was het nooit.
Na mijn scheiding dacht ik: nu ga ik het anders doen. Nu ga ik de juiste man vinden. Eentje die het wel snapt. Die wel kan geven wat ik nodig heb.
En toen kwam mijn tweede relatie. En raad eens? Precies hetzelfde patroon. Andere man, zelfde dans. Dezelfde teleurstelling. Dezelfde pijn.
Pfff wat pijnlijk was dat om te zien.
Het moment dat ik naar binnen keerde en die pijn, die eenzaamheid, die woede eindelijk toeliet, veranderde alles. Ik zag dat ik nog steeds dat kleine meisje was dat schreeuwde om aandacht. Om gezien te worden. Om erbij te horen.
En niemand, maar dan ook niemand kon dat voor me doen. Mijn ex niet. Mijn huidige partner niet. Mijn moeder niet.
Alleen ik.
Ik hoefde niet meer te zoeken. Ik kon eindelijk aanwezig zijn. Voor mezelf. Voor dat kleine meisje in mij dat zo lang had moeten wachten. En daardoor ook in relaties.
Zonder dat innerlijke werk blijf je kind. Je blijft verwachten, straffen, vluchten. Je blijft herhalen. Andere partner, zelfde pijn.
Maar wanneer je je moederwond aankijkt en doorvoelt, word je vrij. Dan kun je eindelijk volwassen liefhebben. Vanuit aanwezigheid in plaats van angst. Byron Katie heeft mij geleerd. Heb je lief of heb je nodig? Wanneer je het doorziet hoef je niet meer te vechten om gezien te worden. Want je ziet jezelf al.
En dat maakt alle verschil.
Dit patroon zie ik regelmatig terugkomen tijdens een opstellingendag. Het verlangen naar de moeder dat zich verplaatst naar de partner. De teleurstelling die daaruit voortkomt. En de bevrijding als je eindelijk naar binnen keert.
In de opleiding systemisch werk en familieopstellingen ga je hier dieper op in. Je leert niet alleen het patroon herkennen, je ondergaat het. Je doorleeft het. En pas dan kun je het echt loslaten.
Ook in Jazz, Je Authentieke Zelf Zijn, werk je hiermee. Daar maak je kennis met die delen in jezelf die nog vastzitten in dat oude verlangen. Die nog wachten op die liefdevolle aanwezigheid van buiten. En je leert die aanwezigheid zelf te geven.
Want daar begint het. Bij volledig jezelf zijn.
Ik wens iedereen een liefdevol 2026!