08/01/2026
Soms stopt verbinding niet door gebrek aan liefde, maar door zelfbescherming.
Veel relaties lopen vast wanneer openheid plaatsmaakt voor pantser.
Soms is de liefde er, maar het hart durft niet meer te openen.
In relaties met een partner, een vriend(in), iemand die dichtbij komt wordt het hart geraakt. En waar geraakt wordt, ligt vaak ook oude pijn opgeslagen.
In het begin is het hart open.
Je deelt. Je lacht. Je ontspant.
Je voelt: hier mag ik zijn.
Maar dan gebeurt er iets.
Een misverstand. Een teleurstelling.
Niet gezien worden. Niet gehoord.
Niet gekozen voelen.
Het moment waarop het hart zich sluit is vaak klein.
Subtiel. Onuitgesproken.
Je zegt: het maakt niet uit.
Maar je lijf trekt zich terug.
Je wordt voorzichtiger, of kritischer, of afstandelijker.
Niet omdat je niet meer liefhebt,
maar omdat je jezelf wilt beschermen.
En dan gebeurt er iets herkenbaars:
wanneer het hart sluit, neemt het hoofd het over.
Je gaat verklaren.
Analyseren.
Invullen.
Verdedigen.
Gelijk willen krijgen.
Of je past je juist aan om de rust te bewaren.
Maar verbinding leeft niet in het hoofd.
Verbinding leeft in openheid.
Vaak sluiten twee mensen hun hart in reactie op elkaar.
De één trekt zich terug.
De ander gaat duwen, fixen of controleren.
Of wordt stiller en kleiner.
En zo verdwijnt de stroom niet ineens, maar beetje bij beetje.
Een open hart betekent niet dat je alles accepteert
of geen grenzen hebt.
Een open hart betekent dat je blijft voelen,
zonder jezelf te verlaten.
Dat je durft zeggen: dit raakt me,
zonder verwijt.
Dat je eerlijk bent, zonder hard te worden.
Dat je aanwezig blijft, ook als het spannend wordt.
Niet alles is bedoeld om samen te blijven.
Maar alles nodigt uit tot bewustzijn.
Want waar je hart sluit,
is vaak precies de plek
waar iets gezien wil worden.
En waar je leert open te blijven met grenzen, met zachtheid, met waarheid ontstaat echte verbinding.
Met de ander.
En met jezelf.
🤍
Vrijheid begint op het moment dat je je hart niet langer beschermt,
maar bewaakt in openheid.