DEVOTAS Basis GGZ voor volwassenen en jeugd. Ieder mens is uniek, de oplossing dus ook! DEVOTAS biedt psychologische zorg aan kinderen, jeugdigen en volwassenen.

Voor de volwassenen bieden we Basis GGZ volgens het Zorg Prestatiemodel. Voor kinderen en jeugdigen in de vorm van Generalistische Basis GGZ en Gespecialiseerde GGZ. Devotas is gespecialiseerd in diagnostiek en behandeling; Cliënten die last hebben van psychische klachten kunnen bij ons terecht. Soms lopen we in het dagelijks leven tegen problemen aan die we niet zo goed zelf kunnen oplossen en kan een “klankbord” gewenst zijn. Onze behandelaars kunnen helpen inzicht en handvatten te geven. Als u inzicht wil in het persoonlijk functioneren, van uzelf of van uw kind, kan er gericht onderzoek gedaan worden. Devotas biedt onder andere;
* Behandeling en begeleiding
* Verschillende therapieën
* Diverse trainingen
* Uitgebreide diagnostiek

Voorwaarden voor vergoedingen volgens het Zorg Prestatiemodel voor 18+
Middels uw huisarts, een praktijkondersteuner of andere specialist kunt u een verwijzing krijgen voor een Basis GGZ-behandeling, als u aanspraak wil maken op een vergoeding vanuit uw zorgverzekering. Bijna alle behandelingen worden grotendeels vergoed door zorgverzekeraars, maar er zijn wel verschillen tussen zorgverzekeraars en (aanvullende) polisvoorwaarden. Voor de zorg voor volwassenen zijn wij deels gecontracteerd bij specifieke zorgverzekeraars. In de meeste gevallen wordt de zorg die wij leveren alsnog vergoed, vaak in de lijn met de contracttarieven zoals afgesproken met gecontracteerde zorgaanbieders. Sinds 1 januari 2015 zijn gemeenten verantwoordelijk voor de jeugdhulp. Jeugdhulpplicht voor alle vormen jeugdhulp. Als u hier meer over wilt weten, kunt u dit verder nalezen op de website van de Rijksoverheid, of nagaan bij uw Gemeente. Gemeenten hebben contracten afgesloten met hulpverleningsorganisaties zoals bijvoorbeeld met Devotas. Op onze website kunt u zien of uw Gemeente een contract heeft afgesloten met Devotas. Eventueel zijn PGB trajecten nog regelmatig goed af te stemmen met niet gecontracteerde Gemeenten. Wachttijden:
Voor de jeugd geldt momenteel geen wachttijd. Voor volwassenen geldt helaas wel een wachttijd. Voor actuele wachttijden verwijzen wij u graag naar onze website.

Dit is geen zwakke generatie. Dit is een overbelaste generatie.Wat we nu zien bij jonge werknemers, begint vaak al op de...
02/03/2026

Dit is geen zwakke generatie. Dit is een overbelaste generatie.

Wat we nu zien bij jonge werknemers, begint vaak al op de middelbare school. In de praktijk zien we het dagelijks: Jongeren en jongvolwassenen die vastlopen. Op school. Tijdens hun studie. Of later, op de werkvloer.

En telkens opnieuw wordt de vraag gesteld: hoe komt dit? Is het een kwestie van motivatie? Van inzet? Van mentaliteit?

Maar wanneer we verder kijken, zien we iets anders.
We zien kinderen die jarenlang hun best hebben gedaan om te voldoen aan verwachtingen die niet altijd aansloten bij wie ze waren of wat ze nodig hadden.
Kinderen die zich hebben aangepast. Die zijn doorgegaan, ook wanneer het moeilijk was. Die hebben geleerd om spanning te verdragen, zonder dat er altijd ruimte was om die spanning te begrijpen. De middelbare school is een periode waarin niet alleen kennis wordt opgebouwd, maar ook zelfbeeld.

En in deze tijd speelt er nog iets anders mee. Jongeren groeien op in een wereld waarin hun brein zelden echt tot rust komt. Naast de belasting van school is er een continue stroom aan prikkels via sociale media, groepsapps en digitale communicatie. Het brein is voortdurend actief, voortdurend alert, voortdurend in verbinding met de buitenwereld.

Waar eerdere generaties na schooltijd vaker vanzelf tot rust kwamen, blijft het brein nu ook daarna actief. Jongeren worden voortdurend geconfronteerd met berichten, verwachtingen en de levens van anderen. Het brein is van nature gevoelig voor vergelijking. Wanneer deze vergelijking continu aanwezig is, kan dit het gevoel versterken dat je moet blijven voldoen, moet blijven presteren, en niet mag falen.

Wanneer een kind vervolgens herhaaldelijk ervaart dat iets niet lukt, ondanks inspanning, gebeurt er meer dan alleen een tegenvallend cijfer. Het brein en het zenuwstelsel slaan deze ervaringen op. Er kan een diepere overtuiging ontstaan: ik moet harder werken om te voldoen. Ik mag niet falen. Ik moet doorgaan.

We zien de gevolgen hiervan steeds duidelijker terug in de cijfers.
Het aantal thuiszitters is de afgelopen jaren fors toegenomen. Kinderen die niet meer naar school kunnen, niet omdat ze niet willen leren, maar omdat hun systeem overbelast is geraakt.

En hetzelfde zien we later terug op de werkvloer. Het aantal jongvolwassenen met burn-outklachten is nog nooit zo hoog geweest. Jonge mensen die willen werken, willen bijdragen, maar vastlopen omdat hun draagkracht langdurig onder druk heeft gestaan.

Langdurige spanning heeft gevolgen. Het beïnvloedt concentratie, geheugen, zelfvertrouwen en belastbaarheid. Niet omdat een kind niet intelligent is, maar omdat het systeem langdurig onder druk staat. Veel van deze jongeren gaan door. Ze halen hun diploma. Ze gaan studeren. Ze vinden werk.

Van buiten lijkt het alsof het goed gaat. Maar van binnen is er vaak een patroon ontstaan van aanpassen, volhouden en over grenzen heen gaan. En dan, ergens in de jongvolwassenheid, wordt zichtbaar wat zich langzaam heeft opgebouwd.
Vermoeidheid, overbelasting, twijfels aan het eigen functioneren, behoefte aan meer herstel en de vraag naar flexibiliteit.

Niet altijd omdat deze jonge mensen minder willen bijdragen. Maar omdat hun systeem lange tijd op wilskracht heeft gefunctioneerd. Een mens kan veel dragen. Maar niet onbeperkt, en niet zonder herstel.

Misschien is dit wel één van de belangrijkste signalen van deze tijd. Niet dat jonge mensen minder sterk zijn. Maar dat ze eerder herkennen wanneer iets niet meer in balans is.

Dat vraagt iets van jongeren zelf. Het ontwikkelen van veerkracht, het opbouwen van vertrouwen in hun eigen kunnen, stap voor stap.

Maar het vraagt ook iets van ons als volwassenen. Van ouders, van scholen en ook van werkgevers.

Niet alleen de vraag: wat moet dit kind of deze jongere leren om te presteren? Maar ook: wat heeft dit kind of deze jongere nodig om zich veilig, bekwaam en duurzaam te ontwikkelen? Want draagkracht groeit niet alleen door belasting. Het groeit door de juiste balans tussen inspanning en herstel.

Misschien ligt de echte vraag niet bij deze generatie, maar bij ons allemaal. Herkennen we de signalen op tijd? Geven we ruimte voor ontwikkeling, of alleen voor prestaties? En durven we anders te kijken naar wat een mens nodig heeft om werkelijk tot bloei te komen?

Ik ben benieuwd hoe u dit ziet.
Herkent u dit als ouder, als werkgever, of misschien in uzelf?











Kinderen leren niet van angst, maar van veiligheidOuders schreeuwen meestal niet, omdat zij even bewust hun kind willen ...
27/02/2026

Kinderen leren niet van angst, maar van veiligheid

Ouders schreeuwen meestal niet, omdat zij even bewust hun kind willen beschadigen. Vaak gebeurt het vanuit vermoeidheid, machteloosheid of zorgen. Vanuit een gevoel dat woorden niet meer aankomen. Vanuit de wens om gedrag te stoppen of controle te herstellen.

Toch heeft schreeuwen een diepere invloed op een kind dan vaak wordt beseft. Voor een kind is een ouder niet alleen een opvoeder, maar ook de bron van veiligheid. Wanneer een ouder schreeuwt, ervaart het brein van een kind dit niet als een gewone correctie, maar als een signaal van gevaar. Het stresssysteem wordt geactiveerd, waardoor het lichaam in een staat van paraatheid komt. In deze toestand is het kind minder in staat om na te denken, te leren of gedrag aan te passen, omdat het brein zich richt op bescherming in plaats van ontwikkeling.

Wanneer dit herhaaldelijk gebeurt, kan dit invloed hebben op meerdere ontwikkelingsgebieden.

Invloed op het zelfbeeld en zelfvertrouwen - Kinderen ontwikkelen hun zelfbeeld grotendeels via de manier waarop ouders naar hen kijken en met hen spreken. Wanneer een kind regelmatig wordt toegesproken vanuit boosheid of frustratie, kan het dit gaan internaliseren. Het kind leert dan niet alleen dat zijn gedrag niet goed is, maar kan gaan voelen dat hij of zij zelf niet goed genoeg is. Onderzoek laat zien dat kinderen die regelmatig worden toegeschreeuwd vaker onzeker worden en een verhoogd risico hebben op angst en depressieve klachten.

Invloed op emotionele ontwikkeling en emotieregulatie - Kinderen leren omgaan met emoties door hun ouders te observeren. Wanneer boosheid vaak via schreeuwen wordt geuit, leert het kind dat intense emoties op deze manier worden gereguleerd. Hierdoor kunnen kinderen zelf meer moeite krijgen met het reguleren van spanning en frustratie. Zij kunnen sneller angstig worden, zich terugtrekken of juist zelf sneller boos reageren.

Invloed op het stresssysteem en de hersenontwikkeling - Herhaaldelijke blootstelling aan schreeuwen kan leiden tot een chronisch verhoogde stressrespons. Deze langdurige stress kan de ontwikkeling van hersengebieden beïnvloeden die betrokken zijn bij emotieregulatie, geheugen en stressverwerking. Hierdoor kan een kind gevoeliger worden voor spanning, sneller overprikkeld raken of moeite krijgen met concentratie en leren.

Invloed op gedrag en relaties - Kinderen leren hoe relaties werken via hun ervaringen thuis. Wanneer communicatie vaak gepaard gaat met boosheid of schreeuwen, kan dit invloed hebben op hoe een kind later omgaat met anderen. Onderzoek laat zien dat kinderen die regelmatig worden toegeschreeuwd een verhoogd risico hebben op gedragsproblemen, angstklachten en moeilijkheden in sociale relaties.
Daarnaast kan er een wederkerig proces ontstaan. Ouders ervaren meer stress, kinderen reageren hierop met meer spanning of gedrag, en dit kan de interactie verder onder druk zetten.

Wat een kind werkelijk nodig heeft - Kinderen hebben grenzen nodig. Duidelijkheid. Correctie. Begeleiding. Maar bovenal hebben zij een ouder nodig die, ook wanneer gedrag moeilijk is, een gevoel van veiligheid blijft bieden.

Niet perfect. Wel voorspelbaar. Wel beschikbaar.

Het is niet de correctie zelf die schadelijk is, maar de manier waarop deze wordt gegeven. Kinderen leren het meest wanneer zij zich veilig voelen. Wanneer zij zich gezien voelen, ook in momenten waarin hun gedrag bijgestuurd moet worden.
Juist in die veiligheid ontwikkelen kinderen zelfvertrouwen, emotieregulatie en veerkracht.

En belangrijk om te benadrukken: herstel is altijd mogelijk. Wanneer een ouder kan reflecteren, verantwoordelijkheid kan nemen en opnieuw verbinding kan maken, leert een kind iets fundamenteels. Dat relaties niet afhangen van perfectie, maar van verbinding en herstel.







Wat zeggen Cito, NIO en WISC-V werkelijk over schoolniveau Wanneer kinderen de overstap maken naar het voortgezet onderw...
24/02/2026

Wat zeggen Cito, NIO en WISC-V werkelijk over schoolniveau

Wanneer kinderen de overstap maken naar het voortgezet onderwijs, ontstaat vaak de vraag welk schoolniveau het beste aansluit. Daarbij worden verschillende instrumenten gebruikt, zoals de Cito-toets, de NIO en soms een uitgebreid intelligentieonderzoek, bijvoorbeeld met de WISC-V-NL. Hoewel deze onderzoeken allemaal waardevolle informatie geven, meten zij niet hetzelfde.

Het is belangrijk om te begrijpen wat ieder instrument wel en niet laat zien, en hoe deze informatie gebruikt kan worden om tot een passend schooladvies te komen.

De Cito-toets: wat heeft een kind geleerd; De Cito-toets meet vooral wat een kind op school heeft geleerd op het gebied van taal, rekenen en begrijpend lezen. Het is een momentopname van schoolse kennis en vaardigheden, gebaseerd op wat een kind tot dan toe heeft kunnen ontwikkelen binnen het onderwijsaanbod.
De uitslag zegt dus iets over het huidige functioneringsniveau binnen schoolse vaardigheden. Factoren zoals concentratie, zelfvertrouwen, motivatie, spanning of eerdere onderwijservaringen kunnen hier invloed op hebben.

De Cito-toets meet niet het leervermogen zelf, maar vooral wat een kind op dat moment laat zien aan geleerde vaardigheden.
De NIO: een inschatting van leervermogen; De NIO (Nederlandse Intelligentietest voor Onderwijsniveau) richt zich meer op het leervermogen van een kind. Deze test kijkt minder naar wat een kind geleerd heeft, en meer naar hoe een kind informatie begrijpt, verbanden legt en nieuwe informatie verwerkt.

De NIO wordt vaak afgenomen op school en helpt bij het inschatten welk onderwijsniveau waarschijnlijk het beste zal aansluiten bij het leervermogen van een leerling. De NIO geeft een breder beeld dan alleen schoolprestaties, maar blijft een screeningsinstrument. Het geeft een algemene indicatie, geen volledig ontwikkelingsprofiel.

De WISC-V-NL: een volledig intelligentieprofiel;Een intelligentieonderzoek met de WISC-V-NL geeft het meest uitgebreide beeld. Hierbij wordt niet alleen gekeken naar één totaalscore, maar juist naar het profiel van sterke en kwetsbare functies.

De WISC-V-NL brengt onder andere in kaart:
- verbaal begrip, hoe een kind denkt en redeneert met taal
- visueel-ruimtelijk inzicht, hoe een kind informatie verwerkt met beelden
- logisch redeneren en probleemoplossend vermogen
- werkgeheugen, het vermogen om informatie tijdelijk vast te houden en te bewerken
- verwerkingssnelheid, de snelheid waarmee informatie wordt verwerkt

Juist dit profiel is van grote waarde. Sommige kinderen hebben bijvoorbeeld een goed leervermogen, maar een lager werkgeheugen of een tragere verwerkingssnelheid. Dit kan maken dat een hoger schoolniveau theoretisch passend lijkt, maar in de dagelijkse praktijk toch te belastend is.

Andersom zien we ook kinderen die op school minder laten zien, terwijl hun leervermogen juist hoger ligt dan verwacht.

Wat betekent dit voor het voortgezet onderwijs
Een passend schoolniveau is niet alleen gebaseerd op intelligentie, maar op de totale afstemming tussen:
- leervermogen
- werkhouding en motivatie
- emotieregulatie en zelfvertrouwen
- verwerkingssnelheid en belastbaarheid
- en de mate waarin een kind zich veilig en competent voelt

Een kind ontwikkelt zich het beste in een omgeving waarin succeservaringen mogelijk zijn. Wanneer een niveau structureel te belastend is, kan dit leiden tot stress, faalangst en verlies van zelfvertrouwen. Wanneer het niveau goed aansluit, ontstaat ruimte voor groei, motivatie en ontwikkeling.

Het doel van diagnostiek is daarom niet om een kind in een bepaald niveau te plaatsen, maar om te begrijpen wat een kind nodig heeft om tot ontwikkeling te komen.

Niet het hoogste niveau, maar het best passende niveau vormt de sterkste basis voor de toekomst.











Wanneer een kind moet blijven presteren, terwijl het eigenlijk niet meer gaat...In onze praktijk zien we het regelmatig....
19/02/2026

Wanneer een kind moet blijven presteren, terwijl het eigenlijk niet meer gaat...

In onze praktijk zien we het regelmatig. Jongeren die vastlopen op school. Niet omdat ze niet willen. Niet omdat ze geen inzet tonen. Maar omdat er een verschil is ontstaan tussen wat er van hen gevraagd wordt en wat zij op dat moment kunnen dragen.
Het middelbaar onderwijs vraagt veel van een jongere. Niet alleen op cognitief niveau, maar ook op het gebied van plannen, organiseren, zelfstandigheid en omgaan met druk. Dit zijn vaardigheden die nog volop in ontwikkeling zijn.

We weten dat bijna de helft van de middelbare scholieren prestatiedruk ervaart. Bij oudere jongeren loopt dit percentage nog verder op. Voor veel van hen leidt dit tot stressklachten, faalangst, slaapproblemen en een afname van zelfvertrouwen. Wat begint als gezonde uitdaging, kan veranderen in een voortdurende bron van spanning.

Wanneer een jongere langere tijd moet functioneren op een niveau dat onvoldoende aansluit, gebeurt er vaak iets wezenlijks. De energie gaat niet meer naar leren en ontwikkelen, maar naar volhouden en overleven. Jongeren gaan twijfelen aan zichzelf. Ze ervaren spanning, vermoeidheid of somberheid. Sommigen ontwikkelen angst om te falen, anderen trekken zich juist terug of verliezen hun motivatie.

In zulke situaties ontstaat vaak een begrijpelijke wens om het huidige schoolniveau vast te houden. Vanuit hoop. Vanuit betrokkenheid. Vanuit de gedachte dat met extra ondersteuning, bijlessen of aanpassingen het toch moet lukken.

Soms wordt er gezocht naar verklaringen in de vorm van diagnostiek. Een ASS-diagnose. ADHD. In de hoop dat dit toegang geeft tot extra tijd, voorzieningen of begrip binnen het onderwijs.

Diagnostiek kan waardevol zijn wanneer het helpt om een kind beter te begrijpen. Maar wanneer diagnostiek vooral ingezet wordt om een jongere binnen een omgeving te laten blijven die onvoldoende passend is, kan dit onbedoeld een ander effect hebben.

Het kind leert dan niet: “Deze omgeving past op dit moment niet goed bij mij.” Maar eerder: “Er is iets mis met mij.”

Dat raakt het zelfbeeld. Het vertrouwen. De ontwikkeling.
Onderwijs hoort een plek te zijn waar een jongere succeservaringen kan opdoen. Waar zelfvertrouwen kan groeien. Waar ontwikkeling mogelijk is. Wanneer een jongere structureel overvraagd wordt, komt juist dat proces onder druk te staan.

We zien in de praktijk dat jongeren vaak opbloeien wanneer de druk afneemt en het niveau beter aansluit. Wanneer zij weer ervaren dat inspanning leidt tot succes. Wanneer zij zich weer competent voelen. Wanneer leren weer energie geeft, in plaats van energie kost.

Soms is een stap naar een ander niveau of een andere school geen verlies.

Soms is dat precies wat nodig is om een jongere weer tot ontwikkeling te laten komen.

De ontwikkeling van een kind vraagt geen vasthouden. Het vraagt afstemming. Niet het behouden van een niveau bepaalt het welzijn van een kind. Het herstellen van vertrouwen in zichzelf wel!











Wanneer je verleden je relaties blijft beïnvloeden....In relaties nemen we onszelf altijd mee. Onze ervaringen, onze pij...
17/02/2026

Wanneer je verleden je relaties blijft beïnvloeden....

In relaties nemen we onszelf altijd mee. Onze ervaringen, onze pijn, onze verwachtingen.

Soms heeft iemand veel meegemaakt; Afwijzing, onveiligheid, onbegrip. Dat laat sporen na. Het beïnvloedt hoe je kijkt, voelt en reageert. Dat is menselijk. En begrijpelijk.

Maar soms gebeurt er ook iets anders. Dat ervaringen uit het verleden niet alleen invloed hebben, maar een verklaring worden voor alles wat nu gebeurt.

- “Ik ben zo geworden door wat ik heb meegemaakt.”
- “Ik kan hier niets aan doen.”
- “Zo ben ik nu eenmaal.”

Wat ooit een verklaring was, wordt dan een identiteit. Of zelfs een excuus. En juist daar ontstaan vaak nieuwe moeilijkheden in relaties.

Want wanneer iemand zichzelf blijft zien als slachtoffer van het verleden, wordt veranderen ingewikkeld. Verantwoordelijkheid nemen voelt dan als onveilig of onmogelijk.

Partners, vrienden of collega’s voelen dit. Ze zien het verdriet. Maar ervaren ook de herhaling. Dezelfde patronen. Dezelfde reacties. Dezelfde afstand of pijn.

En zo kan het verleden, onbedoeld, ook het heden blijven beschadigen.

Herstel begint niet met ontkennen wat je hebt meegemaakt. Herstel begint met het besef dat wat je is overkomen, niet hetzelfde is als wie je bent.

Je bent niet je pijn.
Je bent niet je verleden.
Je bent iemand die iets heeft meegemaakt, en die ook kan groeien.

Pas wanneer ervaringen niet langer je identiteit bepalen, ontstaat er ruimte.

Ruimte voor nieuwe keuzes.
Ruimte voor andere reacties.
Ruimte voor gezonde, wederkerige relaties.

Dat is geen schuldvraag. Dat is een groeiproces.
En vaak begint dat met één inzicht:
Je verleden verklaart je, maar het bepaalt je niet.

Devotas Psychologie
Ruimte voor inzicht. Ruimte voor ontwikkeling.











Je hoeft geen perfecte ouder te zijn om een goede ouder te zijn!Veel ouders dragen, vaak zonder het uit te spreken, een ...
16/02/2026

Je hoeft geen perfecte ouder te zijn om een goede ouder te zijn!

Veel ouders dragen, vaak zonder het uit te spreken, een diep gevoel van verantwoordelijkheid met zich mee. De wens om het goed te doen. Om hun kind te beschermen, te begeleiden en niets tekort te laten komen. Daarbij kan ook de overtuiging ontstaan dat fouten maken niet mag, omdat iedere fout invloed zou kunnen hebben op de ontwikkeling van hun kind.

Dat verlangen is begrijpelijk. Het laat zien hoeveel u om uw kind geeft.

Tegelijkertijd is ouderschap geen proces waarin perfectie mogelijk of zelfs wenselijk is. Ouderschap is een voortdurende relatie waarin afstemming centraal staat. Een proces waarin u soms precies aanvoelt wat uw kind nodig heeft, maar ook momenten kent waarop u te snel reageert, vermoeid bent, of achteraf denkt dat u het anders had willen doen. Juist deze momenten horen bij het ouderschap en maken er onlosmakelijk deel van uit.

Wat vaak wordt onderschat, is dat kinderen niet leren van perfectie, maar van echtheid. Wanneer een ouder laat zien dat ook hij of zij fouten kan maken, en vervolgens verantwoordelijkheid neemt door dit te erkennen en het contact te herstellen, leert een kind iets fundamenteels over relaties. Het leert dat fouten niet betekenen dat de relatie stopt, maar dat herstel mogelijk is. Het leert dat gevoelens er mogen zijn, en dat verbinding sterker kan zijn dan een moment van misafstemming.

Wanneer u bijvoorbeeld kunt zeggen: “Ik was net boos en dat had ik anders willen doen. Het spijt me.” dan ervaart een kind niet zwakte, maar veiligheid. Het leert dat emoties hanteerbaar zijn, dat herstel mogelijk is, en dat het niet perfect hoeft te zijn om geliefd te blijven.

Juist ouders die streven naar perfectie kunnen ongemerkt meer druk ervaren. Zij kunnen kritischer worden naar zichzelf, onzeker worden over hun handelen, of het gevoel krijgen dat zij tekortschieten. Deze innerlijke druk kan het spontaan en ontspannen contact met hun kind bemoeilijken. Terwijl kinderen vooral behoefte hebben aan een ouder die beschikbaar is, die aanwezig is, en die bereid is om mee te bewegen met wat het moment vraagt.

Het belangrijkste in de ontwikkeling van een kind is niet dat een ouder nooit fouten maakt, maar dat een ouder steeds opnieuw beschikbaar is om het contact te herstellen. Dit vermogen tot herstel vormt de basis van veilige gehechtheid en vertrouwen. Een kind leert hierdoor dat relaties niet afhangen van perfect gedrag, maar van wederzijdse betrokkenheid en betrouwbaarheid.

Ouderschap is daarmee geen bewijs van foutloos handelen, maar een proces van voortdurende groei. Voor het kind, maar ook voor de ouder zelf. Iedere ouder ontwikkelt zich, leert en groeit in de relatie met zijn of haar kind.

U hoeft geen perfecte ouder te zijn. Uw kind heeft geen perfecte ouder nodig.

Uw kind heeft een ouder nodig die aanwezig is, die bereid is te reflecteren, en die steeds opnieuw de verbinding opzoekt.

Juist daarin ligt de kracht van goed ouderschap.












We hebben vakmensen nodig, maar wie leidt ze nog op?Hoe kan het dat gemotiveerde studenten geen stageplek vinden, terwij...
12/02/2026

We hebben vakmensen nodig, maar wie leidt ze nog op?

Hoe kan het dat gemotiveerde studenten geen stageplek vinden, terwijl de sector zo dringend nieuwe vakmensen nodig heeft?

Veel praktijkhouders realiseren zich niet altijd wat een universitaire stagiaire binnen het zorgprestatiemodel werkelijk kost. Tegelijkertijd spreken we steeds vaker studenten die tientallen sollicitatiebrieven moeten schrijven om überhaupt een stageplek te vinden. Sommigen lopen studievertraging op en moeten hun opleiding met een jaar verlengen.
Dat zijn geen uitzonderingen meer; het lijkt de nieuwe norm te worden.
En dat wringt. Want binnen de GGZ horen we overal hetzelfde geluid: er is een groeiend tekort aan goed opgeleide professionals, teams ervaren hoge werkdruk en wachtlijsten lopen op.

Op papier lijkt een stagiaire aannemen overzichtelijk. Binnen onze organisatie geven wij stagiaires bijvoorbeeld € 20,- per gewerkte dag, bij andere organisaties kan dit uiteraard anders zijn. Een stage van negen maanden, drie dagen per week, komt daarmee neer op ongeveer € 2.300,-. Dat bedrag lijkt behapbaar, maar geeft een vertekend beeld van de werkelijkheid.

De echte kosten zitten namelijk zelden in de stagevergoeding.
Sinds de invoering van het zorgprestatiemodel is zorg direct gekoppeld aan consulten en bevoegdheden. Alleen gekwalificeerde professionals kunnen declarabele zorg leveren. Een stagiaire werkt volledig onder supervisie, mag niet zelfstandig behandelen en is geen regiebehandelaar. Vrijwel alle tijd die u investeert, is dus indirect.

En precies daar ontstaan de grootste kosten. Begeleiding, voortgangsgesprekken, het nakijken van verslagen, overleg met de opleiding en kwaliteitsbewaking kosten tijd, tijd die anders declarabel zou zijn. Wanneer een praktijkhouder of GZ-psycholoog wekelijks één tot twee uur aan begeleiding besteedt, kan de gemiste omzet over de hele stageperiode oplopen tot € 7.000,- à € 9.000,-.

Tel daar faciliteiten, overhead en de lagere productiviteit in de eerste maanden bij op, en de totale impact ligt voor veel praktijken eerder tussen de € 9.000,- en € 16.000,-.
Betekent dit dat stagiaires te duur zijn? Zeker niet. Maar het vraagt wel om realistische verwachtingen.

Een stagiaire is zelden een extra productiekracht. Binnen een hoogwaardige diagnostische of behandelssetting blijft u eindverantwoordelijk en is de foutmarge klein. Het kost tijd voordat een stagiaire daadwerkelijk verlichting biedt en dat lukt alleen als het werkproces daar bewust op is ingericht.
Waarom kiezen veel praktijken er dan toch voor?

Omdat de waarde vaak op een ander vlak ligt.
Een stage is in feite een langdurige selectieprocedure. U leert iemand goed kennen, ziet hoe iemand denkt, werkt en samenwerkt. Wanneer een stagiaire later in dienst komt, bespaart dat wervingskosten, inwerktijd en het risico op een mismatch.
Daarnaast kan een stagiaire, mits goed gepositioneerd, waardevol zijn in ondersteunende taken zoals testscoring, dossiervoorbereiding, literatuuronderzoek, conceptverslagen of kwaliteitsprojecten. Dit vraagt structuur, maar kan de druk op ervaren professionals verlagen.

Voor sommige praktijken speelt ook een bredere overweging: opleiden hoort bij professioneel leiderschap. Het draagt bij aan vakontwikkeling, versterkt het opleidingsklimaat en maakt een organisatie aantrekkelijker voor toekomstige medewerkers.

Toch moeten we ons als sector een fundamentele vraag stellen: wat gebeurt er als we te weinig opleiden?

Wanneer studenten structureel geen stageplek vinden, vertraagt de instroom van nieuwe professionals. Het tekort dat we vandaag ervaren, organiseren we daarmee ook voor morgen.

Misschien vraagt dit vraagstuk om een bredere blik dan die van de individuele praktijk. Hoe kunnen we opleiden beter organiseren? Kunnen instellingen en vrijgevestigde praktijken meer samenwerken? Is er voldoende waardering voor opleidingspraktijken? En wat hebben praktijkhouders nodig om vaker “ja” te kunnen zeggen tegen een stagiaire?

De kernvraag is daarom niet alleen: “Wat kost een stagiaire?”
Maar ook: “Wat kost het ons als sector wanneer we stoppen met opleiden?” Opleiden kost tijd en geld. Niet opleiden kost uiteindelijk waarschijnlijk meer.





De digitale schandpaal van vandaagWe zien het steeds vaker: iemand maakt een keuze, zegt iets, of doet juist iets níet e...
11/02/2026

De digitale schandpaal van vandaag

We zien het steeds vaker: iemand maakt een keuze, zegt iets, of doet juist iets níet en binnen de kortste keren barst het oordeel los op social media.

Neem het voorbeeld van Jutta Leerdam. Ze kreeg kritiek omdat ze ervoor koos de pers niet te woord te staan, om in haar bubbel te blijven en zich volledig te richten op haar prestatie. Nog voordat duidelijk was waar die keuze toe zou leiden, lagen de meningen al klaar. En vervolgens wint ze goud! En moeten meningen weer bijgesteld worden.

Het is een herkenbaar patroon: we vormen razendsnel een oordeel, vaak zonder de context te kennen. Maar wat we soms vergeten, is dat dit mechanisme niet alleen geldt voor topsporters of bekende Nederlanders.

Het gebeurt ook met onszelf, de “gewone” mens.
- Met die collega over wie online wordt geroddeld.
- Met die ouder die een opvoedkeuze maakt waar iedereen iets van vindt.
- Met die jongere die op social media wordt buitengesloten.
- Met die ondernemer die een beslissing neemt en daar publiekelijk op wordt afgerekend.

Achter elk profiel zit een mens. Iemand met gevoelens, onzekerheden, een verhaal dat wij meestal niet kennen.

Onderzoek laat zien dat online shaming en harde reacties echte psychologische gevolgen hebben. Het kan leiden tot stress, schaamte, angst en zelfs sociaal terugtrekken. Woorden op een scherm verdwijnen misschien snel, de impact vaak niet.

Misschien helpt het als we onszelf wat vaker een paar vragen stellen voordat we reageren:
- Heb ik het hele verhaal?
- Draagt mijn reactie bij aan begrip, of alleen aan het oordeel?
- Zou ik dit ook face-to-face zeggen?

We bepalen samen de toon van onze online wereld. Laten we die niet harder maken dan nodig is.

- Wat als we wat vaker nieuwsgierig zijn in plaats van veroordelend?
- Wat milder in plaats van scherp?
- Wat menselijker, juist wanneer het zo makkelijk is om dat niet te zijn.

Want vandaag is iemand anders het onderwerp van gesprek.
Morgen kan het ieder van ons zijn.

En laten we ook niet vergeten om even stil te staan bij de prestatie zelf:
Wat een mentale kracht om trouw te blijven aan je eigen koers, zelfs wanneer de buitenwereld daar iets van vindt. Focus houden, ruis buitensluiten en dan leveren op het moment dat het ertoe doet, dat verdient bewondering.

Gefeliciteerd met deze indrukwekkende overwinning, Jutta. Soms is de grootste winst niet alleen het goud, maar ook het vertrouwen om je eigen pad te blijven volgen.









Kinderen horen vaak veel meer dan je denkt — zelfs dingen die je zelf niet hardop bedoelt voor hen. Onderzoek laat zien ...
10/02/2026

Kinderen horen vaak veel meer dan je denkt — zelfs dingen die je zelf niet hardop bedoelt voor hen. Onderzoek laat zien dat kinderen al heel jong leren door simpelweg mee te luisteren, ook als het gesprek niet expliciet voor hen is bedoeld. Kleuters en basisschoolkinderen pikken woorden, toon en emoties op, en dat draagt bij aan wat ze leren over de wereld, zichzelf en anderen.

Toch is het niet altijd verstandig om ál je gesprekken openlijk te voeren waar je kind bij is. Gesprekken over ruzies tussen volwassenen, financiële zorgen of persoonlijke problemen kunnen bij jonge kinderen onrust, angst of onzekerheid veroorzaken. Het advies is om kinderen alleen te betrekken bij onderwerpen die zij kunnen bevatten en die hun veilige wereld niet bedreigen.

Dat betekent niet dat je geen gevoelige onderwerpen ooit bespreekt, maar wel dat je daar bewust mee omgaat: wacht met het gesprek tot je kind er emotioneel en cognitief aan toe is, en kies je woorden zorgvuldig. Want zelfs als kinderen niet lijken te luisteren, doen ze dat vaak toch — kleine oren pikken veel meer op dan we vermoeden.

Praktische tips voor praten waar kinderen bij zijn

Wees je bewust van meeluisterende oren
Kinderen lijken soms verdiept in hun spel, maar nemen ondertussen toon, woorden en emoties op. Wat voor volwassenen een terloops gesprek is, kan voor een kind grote betekenis krijgen.

Let vooral op je toon
Kinderen begrijpen niet altijd de inhoud, maar voelen spanning direct aan. Een rustige, respectvolle manier van praten geeft veiligheid — zelfs wanneer het gesprek lastig is.

Voer volwassen gesprekken buiten gehoorafstand
Onderwerpen zoals relatieproblemen, financiële zorgen, conflicten of medische kwesties kunnen onnodige angst oproepen. Bespreek dit liever wanneer kinderen er niet bij zijn.

Vraag jezelf af: kan mijn kind dit dragen?
Een goede richtlijn is: helpt deze informatie mijn kind, of belast het juist? Kinderen hoeven niet alles te weten wat volwassenen bezighoudt.

Benoem het als een kind iets opvangt
Heeft je kind toch iets gehoord en stelt het vragen? Ga er niet omheen. Geef een korte, leeftijdsgerichte uitleg en stel gerust waar nodig.

Gebruik gesprekken als voorbeeldgedrag
Kinderen leren veel van hoe volwassenen met elkaar omgaan. Respectvol meningsverschil, excuses maken en samen oplossingen zoeken zijn krachtige lessen.

Herstel na een spannend gesprek
Is er toch een verhitte discussie geweest? Laat daarna expliciet zien dat het weer goed is. Dat voorkomt dat kinderen blijven hangen in onzekerheid.





Adres

Peperstraat 1
Oud-Beijerland
3262JK

Openingstijden

Maandag 08:00 - 17:00
Dinsdag 08:00 - 17:00
Woensdag 08:00 - 17:00
Donderdag 08:00 - 17:00
Vrijdag 08:00 - 17:00

Telefoon

+31186785014

Meldingen

Wees de eerste die het weet en laat ons u een e-mail sturen wanneer DEVOTAS nieuws en promoties plaatst. Uw e-mailadres wordt niet voor andere doeleinden gebruikt en u kunt zich op elk gewenst moment afmelden.

Contact De Praktijk

Stuur een bericht naar DEVOTAS:

Delen

Share on Facebook Share on Twitter Share on LinkedIn
Share on Pinterest Share on Reddit Share via Email
Share on WhatsApp Share on Instagram Share on Telegram

Ieder mens is uniek, de oplossing dus ook!

Onze bedrijfscultuur – Onze bedrijfscultuur moet bij je passen, wil je er met plezier kunnen werken. Devotas is cliëntgericht en dat vraagt veel van onze creativiteit, kennis en zelfstandigheid. Daarin hebben we elkaar nodig als gespreks- en sparringspartner waar veiligheid, wederzijds respect en vertrouwen van grote meerwaarde is. Samen werken, samen ontwikkelen; Durven halen en brengen. Op verantwoordelijke wijze, leren, durven, doen! Binnen onze organisatie bieden we prettige werklocaties, zowel voor de werknemers als voor cliënten om te kunnen ontvangen. We benaderen onze cliënten met respect; In schrijftaal formeel, in spreektaal meer informeel en altijd in overleg met de cliënt. We kleden ons semi-formeel; Noem het Business Casual.

Devotas is een organisatie in ontwikkeling, afgestemd op de vraag van haar cliënten en doorverwijzers. Tevens is Devotas een organisatie waar het mogelijk is om ook op persoonlijk level verder te kunnen ontwikkelen. Ieder jaar heeft de werknemer de gelegenheid een persoonlijk ontwikkelplan op te stellen/ bij te werken, gericht op een meerjarenplan en worden er beoordelingsgesprekken gehouden. Er bestaan duidelijke werkkaders, waarbij veel vrijheid is in het indelen van de agenda en werkzaamheden. Wel dient er een passende productie behaald te worden om als organisatie gezond te blijven. Binnen de organisatie wordt slechts 1 maal per maand vergaderd en wordt er 2-wekelijks in teamverband uitgebreid MDO/ Intervisie gehouden. En hopen wij ieder jaar een uitje te organiseren met ons team, een teamdag of etentje. Ook onderling is er veel aandacht voor elkaar en kan er spontaan een borrelavondje ontstaan. Tijdens de maandelijkse vergaderingen is er aandacht voor verjaardagen. Om zo ook op persoonlijk level aandacht te geven aan collega’s. DEVOTAS is een organisatie welke ondersteunende dienstverlening biedt aan 4 verschillende doelgroepen; 1A. BEDRIJVEN Hierbij kunt u denken aan training, coaching en business improvement; 1B. BEDRIJVEN - PSYCHOLOGIE Indicatiestellingen, diagnostiek, assessments, vermindering ziekteverzuim, ondersteuning bij burn-out trajecten, werkgerelateerde problemen, assertiviteit, psychologische zorg bij rouw, echtscheiding, trauma etc. 2. NLP - NEURO LINGUISTIC PROGRAMMING NLP is een methode, waarmee men zeer snel en effectief resultaten kan bereiken in therapie sessies. Intussen is NLP uitgegroeid tot een methode die wereldwijd gehandhaafd wordt in therapie sessies en ook in het zakenleven. NLP is voor mensen die (iets) willen veranderen, verbeteren of groeien. Veranderen kan zijn op het persoonlijke en/of professionele vlak. 3. ONDERWIJS Leerlingenzorg, het coachen van docenten en ondersteunende diensten aan docenten en scholen; Leerlingenzorg over onderwerpen welke genoemd onder punt 4B. Ondersteunende diensten in de vorm van lezingen. 4A. PARTICULIEREN - PSYCHOLOGIE - VOLWASSENEN Psychologische zorg voor vraagstukken als depressiviteit, diagnostiek,burn-out, bore-out, werk gerelateerde problemen, persoonlijke ontwikkeling, tobben, piekeren, angsten, fobieën, dwangklachten, verlegenheid, assertiviteit, communicatie, relatieproblemen, traumaverwerking, rouwverwerking, ouderschapsplan, 4B. PARTICULIEREN - PSYCHOLOGIE - KINDEREN Psychologische zorg voor vraagstukken als add, adhd, autisme, faalangst, gedragsproblemen, werkhoudingproblemen, leerproblemen, schoolproblemen, identiteitsproblemen, opvoedingsvragen, echtscheiding en kind, ouderschapsplan, diagnostiek, intelligentie onderzoek, sociaal emotionele ontwikkeling, hoogbegaafdheid, dyslexie, dyscalculie, functietraining, huiswerk begeleiding, en diverse trainingen. Schroom niet om contact met ons op te nemen en vraag naar mogelijkheden, wees welkom!