23/01/2026
Achter de schermen werk ik op dit moment aan mijn derde artikel voor Voedingsgeneeskunde, dat komende maand online verschijnt. Dit keer over een onderwerp dat mij diep raakt, omdat ik het in de praktijk zó vaak zie: postpartum depletie en postpartum depressie.
Te vaak worden psychische klachten na de bevalling gezien als een stoornis die “ineens ontstaat”. Alsof een vrouw zomaar door haar hoeven zakt. Terwijl er vrijwel altijd een verhaal aan voorafgaat. Een lichaam dat al langere tijd uitgeput is. Tekorten die zich langzaam hebben opgebouwd. Een zenuwstelsel dat tijdens zwangerschap en bevalling maximaal heeft gegeven, zonder voldoende bedding om te herstellen.
Tijdens de documentaire ‘Je Hart als Poort’ werkte ik met een zwangere vrouw met uitgeputte ijzerreserves en duidelijke tekenen van depletie. Haar klachten werden psychisch geduid, terwijl de oorzaak lichamelijk én regulatief was. Toen we het zenuwstelsel tot rust brachten en het lichaam kreeg wat het nodig had, veranderde alles. Niet omdat “de stoornis verdween”, maar omdat het systeem weer kon dragen.
Zwangerschap, geboorte en de periode daarna zijn geen losse momenten. Ze vormen samen één doorlopende overgang. Als het zenuwstelsel zich veilig voelt, kan voeding worden opgenomen. Als voeding wordt opgenomen, kan het lichaam herstellen. En als een vrouw gedragen wordt fysiek, emotioneel en sociaal, hoeft ontregeling niet te escaleren tot depressie.
Wanneer we stoppen met alleen verklaren en diagnosticeren, en weer gaan luisteren naar het lichaam, het hart en de signalen van uitputting, ontstaat er ruimte voor regulatie, herstel en compassie.
Dit artikel is geschreven voor zorgprofessionals, maar eigenlijk voor iedereen die betrokken is bij zwangerschap en kraamtijd. Omdat mentale gezondheid nooit losstaat van het lichaam. En omdat een goede start, ook voor de moeder, van levensbelang is.
Binnenkort te lezen via Tijdschrift Voedingsgeneeskunde .